Theo en Cor zijn deze week aan het werk aan onze baan in Zwitserland; hierbij hun verslag van dag 4+



Vandaag zijn we verder gegaan met een klus waar we vorig jaar ook al mee zijn bezig geweest: het aanleggen van een grote watertoevoer voor de sprinklerinstallatie langs de baan richting Oberwald. We dachten herbelevingen te krijgen van die onmogelijke blauwe buizen waar we vorig jaar zo mee hebben lopen stoeien. We kwamen ze weer tegen buiten, maar ze lagen in de goot waar ze thuishoren. We mochten de boel nu afwerken.
De eerste traktatie die we dapper hebben verwerkt was het naar beneden sjouwen van 25 Kg cement over een arbo-technisch volstrekt onmogelijk trappenparcours. Samen zijn we met de zak onbeschadigd beneden gekomen. Gedeelde ellende is halve ellende is ons motto. Theo kon helemaal uit zijn plaat gaan met het inwassen met cement van het natuurstenen vloertje bij de spaar en verdeelsilo voor het Rhône water dat naar de sprinkler installatie moet gaan. Hij heeft zijn hele leven geoefend op zijn Koninklijk bekroonde tompoucen zullen we maar zeggen. Kurt, onze DFB aanvoerder kwam, zag en zei dat het goed was! Cor mocht een soort volkstuintje aanleggen bij de brug naar de keertunnel. Daar was zoveel Schotter en puin langs de baan terecht gekomen, dat de natuurlijke vegetatie compleet verdwenen was. Met het puin kon de baan weer worden opgestopt en de gasten van de DFB kunnen straks weer zien hoe mooi groen Zwitserland is.



We waren heel blij dat we de schurkachtige blauwen buizen onder de zoden konden krijgen. Dat deden we met alle soorten zand, puin en cementstof die voorradig waren langs de baan. Maar wel volgens de strikte aanwijzingen van Kurt. Het kwam blijkbaar allemaal heel nauw. Langs de buizen moest nog een watergoot worden gebouwd. We hebben daar vier dimensionaal stenen leren leggen. Onze voeten waren vanavond blij de veiligheidsschoenen af te kunnen schudden bij de barbecue met Kalbsbratwurst en steak.







Opmerkingen